Moestuin in het voorjaar

 


De moestuin van kasteel Hex kadert in een lange traditie van seizoensgebonden en zelfvoorzienend leven. De tuin is een perfecte afspiegeling van de kasteelkeuken – en omgekeerd.
Smaak en kwaliteit – naast bewaarbaarheid en het tijdstip van oogst zijn bepalend voor de keuze van de teelten en hun verzorging. De kalender en de teelttechnieken van Hex zijn generaties lang van tuinman op tuinman overgedragen.

Dit overzicht helpt je mogelijk om je eigen kalender op te stellen voor de komende maanden: van maart tot juni – voor elke tuinder, liefhebber of beroeps, zonder twijfel de drie drukste maanden van het jaar.


MAART

Bij aanvang van maart is de stilstand van de wintermaanden definitief voorbij: de temperatuur stijgt gestaag en in de natuur begint van alles te bewegen. Ondanks de voorjaarkriebels die de eerste zonnige dagen onvermijdelijk met zich meebrengen is toch – zeker in de eerste weken van de maand – enige terughoudendheid geboden.

Het kan in maart nog behoorlijk guur zijn, en de bodem komt nat en koud uit de winter. Wij geven er de voorkeur aan de grond eerst te laten drogen voordat we er ‘in vliegen’ en zetten ondertussen onze serre en platte bakken op orde.

In de derde week van maart breekt de periode aan onder het sterrenbeeld van de ram en je ziet de natuur in een plotse stroomversnelling terecht komen. Zorg dat je tegen dan goed voorbereid bent om er tegenaan te gaan.

Hex-post-artichok-800x1200De eerste teelten die om onze aandacht vragen zijn de langzame groeiers, zoals de seldersoorten – knolselder in het bijzonder.

We zaaien selder in een zaaibak met gezeefde zanderige grond zonder voeding. Omdat het een licht-kiemer is dekken we het fijne zaad slechts af met een dun laagje scherp zand. Wees vooral niet te gul met de fijne zaden en verspreid ze met aandacht over de ganse bak – zodat de plantjes elkaar niet gaan verdringen in de tijd totdat ze klaar zijn om verspeend te worden.

Selders zijn heel traag in het kiemen en hebben daarbij een temperatuur nodig van minstens 18 tot 20°C: ideaal voor in de veranda of op de vensterbank van je keuken. Een goede raad: houd je zaaibak in de gaten; houd het vochtig en verlies niet je geduld.

Maak naast de selder een plaatsje vrij voor de zomerprei. Prei is immers ook een langzame kiemer met behoefte aan warmte. We zaaien in een diepe bak met een opstaande rand van minstens 15 cm. Alle Allium-soorten zijn koude-kiemers; het loont de moeite het zaad van prei vóór het zaaien, gemengd met zand, in de diepvries te laten overnachten.

Daarnaast voorzien we ook altijd een plaats in de warmte om onze eigen artisjokken voor te zaaien – omdat we uit ervaring weten dat ze toch niet allemaal de winter overleven. Artisjok kan je zaaien in een zaaibakje, in trails of in potjes.

Hex-post-gotte-533x800Kolen– en slasoorten hebben niet veel warmte nodig. In de serre kunnen we aan de slag vanaf de temperatuur rond de 12°C schommelt.

De kolen voor de zomer; zoals spitskool, vroege ‘Mechelse’ bloemkool, Chinese kool en broccoli zaaien we vroeg in maart in zaaibakjes – om daarna in potjes te verspenen zodra de zaailingen twee echte blaadjes hebben en een vertakt wortelstelsel tonen.

Ook het pootgoed van de vroege aardappelsoorten krijgt een plaats onder het warme glas van de serre. We verdelen het pootgoed over een aantal kistjes op een bedje van stro.

Desnoods snijden we aardappelen in stukken om meer pootgoed te bekomen. De snijvlakken ontsmetten we met as van de houtkachel. Voor een biologische teelt kiezen we smakelijke oude rassen met een hoge weerstand: ‘Berber’ of ‘Eersteling’, ‘Belle de Fontenay’ en ‘Rosabelle’.

Hex16 zaaien SAM_1957

 

In de platte bak gaan we rijtjes voorjaarsgroenten zaaien: radijs, stengelui, snijsla en kropsla. ‘Appia’ is een sterke en smakelijke sla-soort die het in alle seizoenen goed doet, maar we zaaien ook zeker de ‘Goudgele Gotte’ omdat die met zijn kleine krop sneller oogstklaar is.

‘Goudgele Gotte’, ‘Amerikaanse roodrand’ en rode eikenbladsla zijn ook erg geschikt als snijsla. In rijtjes of in een vierkant gezaaid kunnen we hiervan, in afwachting van onze eerste kroppen, al over enkele weken gaan oogsten.

Daarnaast zaaien we dan een rijtje andijvie; en de salade-kruiden als rucola, bladmosterd, tuinkers, koriander en peterselie – en kervel, niet te vergeten. En als het nodig blijkt kan je in de bak ook nog snel-groeiende spinazie ‘Winterreuzen’ of veldsla ‘de Cambrai’ zaaien.

Als laatste zaaien we een fikse bak vol vroege worteltjes: ‘Amsterdamse bak’ is een ongeëvenaard oud en smakelijk ras voor eerste oogst in juni. En met de ‘gele stompe van Doubs’ en een paars ras variëren we ook in kleur.

Hex grelinette 200x200 copyright Hex PSG.be-1431In de moestuin beginnen we met het winterdek te verwijderen. De grondvoorbereiding is afhankelijk van de kwaliteit van grond waarop je werkt. Wij gaan de – bij ons vrij lemige – aarde in een eerste stadium openbreken met een woelvork om de bodem in zon en wind te laten drogen en opwarmen. Een paar dagen later gaan we frezen, harken en terug dichtrollen.

 

HET VALSE ZAAIBED:
Een goede tip: bereid ook de percelen voor waar je in april of mei pas gaat zaaien (denk aan wortelen, witloof, ui of schorseneren). In de tussentijd zullen de onkruiden kiemen en heb je de kans al een keer te schoffelen vóór dat je je teelten zaait, hetgeen je achteraf veel werk zal besparen. Deze techniek wordt ‘het valse zaaibed’ genoemd.

 

 

Het eerste gewas dat zelfs bij slecht weer al in de grond mag is de labboon (of tuinboon). Labboon is een vaak vergeten of ondergewaardeerde groente. Niet alleen zijn de dikke bonen groen geoogst sappig en zoet, maar ook het blad, de bloemknoppen en de peulen kennen allerlei lekkere bereidingswijzen.

De teelt kent nauwelijks zorgen. Aarzel dus niet als het er om gaat deze oude groente aan je assortiment toe te voegen. Verder is het de eerste helft van maart goed mogelijk om bladgewassen als raapsteeltjes, spinazie en warmoes te zaaien.

Als spinazie kiezen we in deze maand voor ‘Viroflay’ ;
de warmoes is van het ras ‘blonde Lucullus’. Hex16 zaaien PSG_be-6003Met erwten zaaien kijken we nog even uit tot het wat droger en warmer is. Erwten kunnen in de grond gaan rotten als de omstandigheden niet gunstig zijn.

Om een snelle opkomst te verzekeren weken we de zaden een nacht en laten we ze een dag of twee kiemen in de serre. Om te voorkomen dat ze bij aanhoudende regen toch in moeilijkheden zouden komen, aarden we de rij aan – waardoor de gevallen regen grotendeels toch van de rij wordt weggeleid.

Denk er ook om de opkomende erwten zo snel mogelijk met een net te beschermen tegen de vogels.

Zaai zowel dop- als peulerwten, maar wel duidelijk van elkaar gescheiden. Van je peulerwten ga je het eerst kunnen oogsten.

Het is ook de tijd om ui te zaaien en/of plant-ui en sjalot te zetten. Denk er wel aan dat zaai-ui (zoal een ‘Rijnsburger’ of ‘Alison Craig’) langer goed blijft in bewaring dan een plant-ui.

Tegen het eind van de maand kunnen ook de vroege aardappelen in de grond. Hun plaats in de serre wordt onmiddellijk ingenomen door de late soorten (zoals de ‘Corne de gattes’) die op hun beurt snel aan het kiemen gaan.

KARWEITJES VOOR MAART:
-de vaste teelten worden nagekeken en aangevuld

-bieslook, rabarber, suikerwortel e.a. worden gesplitst
-zeekool wordt afgedekt met bloempotten
-aspergebedden worden gehoogd
-het aardbeienbed wordt gewied, bemest en met stro bedekt

April, mei en verder lees je hier: {HEX DE MOESTUIN IN HET VOORJAAR} 

of: {GA TERUG NAAR WELKOM}